NI RÅRÅ KIDOEL

NI RÅRÅ KIDOEL

cover

(de spelling van sommige woorden is antiek Javaans gehouden, eveneens de vertaling er van)

NAAM?
Een naam geven of verzinnen lijkt altijd verbonden in een symbolisch verband. Daar zijn meerdere personen voor verantwoordelijk, of zelfs, wanneer deze vanuit slechts één persoon ontstaat, wordt deze medegedeeld aan andere personen. Hetzij voor gevoelsmatige goedkeuring, wettelijke, zakelijke of persoonlijke overeenkomsten, spirituele bijval/ingeving (wahyu) door innerlijke beleving. Zo’n naam kan historisch beschouwd een lang pad af zijn gestruind, met de nodige veranderingen door wie dan ook onderweg. Het moment dat deze schriftelijk bevestigd is en letterlijk is toegevoegd in een document, script, kunstwerk e.d. duidt op een zogenaamde herkomst. Deze kan dus ook níét oorspronkelijk zijn en verlangt daarmee altijd een onderzoek. Mits deze niet verlangd is en met opzet de bestaande naam wordt gebruikt. Dáár is deze topic aan gewijd.cover1.jpg

WAARMEE VERBONDEN?
Een onderzoek naar namen wordt meestal verbonden met een gegeven rondom de bestaande “eigen”-naam. Dat kan geografisch zijn, overgeleverd door afkomst zoals familie gerelateerd, in samenhang met een evenement of festijn/ritueel, of gewoon een spontaan opgekomen vorm van letters en/of spraak, die in die tijd of dat moment gold als belangrijk (bijvoorbeeld een gebed). Uiteraard kan het ook andersom! Een naam kan geografisch doorwerken in de naam van de omgeving, zoals de richting van het “zuiden”, of iemand kan zijn/haar familie naam schenken aan bijvoorbeeld een beeld, huis of stad. De omstandigheid die een naam zou kunnen inhouden vraagt daarom meerdere naspeur-werken, ook serieuze achtergronden die zelfs niet van belang lijken.cover13c

NI RÅRÅ KIDOEL – NYI RARA KIDOEL
Deze naam wordt gekend uit Javaanse legendarische vertellingen, mythen en legenden. Hoewel in het openbaar pas gebruikt sinds de vijftiende eeuw door Senopati, de stichter van het tweede Javaanse Koninkrijk Mataram, is het een héél bijzondere naam. De letterlijke vertaling is niet zo bijzonder of geheimzinnig, en letterlijk “juffrouw maagdelijk (meisje) zuiden” betekent. Deze nadert de naam NYAI LARA KIDUL = NJAI LORO KIDUL (“juffrouw/bijslaap/zieke/pijnlijk/ongesteld/gegriefd“) met een opmerkelijk verschil, daar de Ni Rårå Kidoel aangeduid is als “maagdelijk” (én ongehuwd) en de Nyai Lårå Kidul de staat van “ongesteld” (én “bijslaap“) kent. Een logische stap is de naam te ontleden en welke bedoeling deze kent in de gehele naam.

Ni” kan duiden op een verkorting van “nini“, een aanspraak vlak vóór een naam, ook wel een “oudere vrouw” bedoeld zoals “grootmoeder” en “oudtante“. Deze sluit aan op “nyi” of “njahi“. Deze laatste staat voor “vereerende betiteling van fatsoenlijke vrouwen van eenige leeftijd“, nl. het vrouwelijke van “kjahi” of “grootvader, oudoom, oude heer van standing, deftiger” en “vereerende titel van deftige en fatsoenlijke mannen van jaren“. Later werd deze vereenzelvigd met een “huishoudster of bijzit v.e. Europeaan“. In het perspectief beschouwd van tijd en ruimte lijkt de Ni Rårå Kidoel een oudere vorm te kennen, als het “maagdelijke jonge meisje uit het zuiden“, terwijl de Njai Loro Kidul geen maagdelijk meisje meer is, maar een “ziekelijk en gegriefde bijslaap“. Echter op Java reageert de Javaan/Javaanse quasi verrast bij navraag, hoewel met enig geknik instemmend. De meest oorspronkelijke legende rond de Prinses uit het Zuiden luidt immers, dat zij als het maagdelijk meisje het zuiden zoekt (in de oudere spelling Ni Rårå Kidoel) en zich toe vertrouwt aan de Zuidelijke Oceaan, of de Indische Oceaan. Als Njai Lårå Kidul daarentegen wordt zij verbannen als de Prinses van Pajajaran uit het Paleis en de omgeving waar zij woont, vaak bewerkt met zwarte magie en aangetast in haar schoonheid, zij zoekt vertwijfeld met haar moeder en haar min het zuiden op en springt in de woeste golven van de Indische Oceaan. In beide versies wordt zij gekroond tot de mythische Koningin van het Zuiden, de Ratu Kidul, Koningin van het Zuiden, door de demonen, geesten en duistere figuren uit de diepten van de oceaan.cover9a

SYMBOOL OF ERFENIS UIT ANIMISME
Waarom lijkt Nyi Rårå Kidoel nóg verder terug te grijpen in de geschiedenis?
Het volgende in de voorgeschiedenis! Een “årå” is een “onbebouwde en onbewoonde streek, buiten de groote bosschen en ’t hooge gebergte“. In de meervoudsvorm “årå-årå” (samengevoegd in “rårå“) blijft het een “onbebouwde vlakte of onbewoonde streek“. Hier is echter veel meer over bekend, daar juist hier in deze onherbergzame gebieden mensen leefden en woonden. Zij behoorden tot de zg. “outcast” of “uitgestotenen/bannelingen”. Op Java werden groepen mensen gekend die de “Orang Kalang” heetten, overleefden in de “årå-årå” en hun onherbergzame omgeving aanduidden met “maagdelijke omgeving“, in de “Mysteriën der Kalangers” (zij worden ook genoemd in de legenden over het Koninkrijk Galuh). Verder terug in tijd worden in de beroemde Hindoese Rig Veda’s de “Aranyanaka’s” vermeld. Deze groep mensen werden geweerd uit de “normale” gemeenschap vanwege hun gevaarlijke rituelen die zij bezigden en praktiseerden. Zij voerden hun rituele handelingen nu uit in de “aranya” of “wildernis“, één met de natuur en ver van de gemeenschap (animisme). De intensie van deze mensen en hun offermystiek, priesterlijke philosofie en daden moeten zo veel indruk gewekt hebben, dat het verboden werd rechtstreeks met deze mensen te communiceren. Zij bedekten hun hoofd met een papieren of jute zak om geen direct contact te krijgen via de ogen. Denk ook even aan de rituelen op Pulau Sempoe, Oost-Java, waar het beroemde Kayu Pèlèt wordt aangetroffen voor de houten schede van krissen. Daar worden de aanwezigen verzocht papieren zakken om de hoofden te doen tijdens de rituele handelingen om niet getroffen te worden door de aanwezigheid van de Koningin van het Zuiden, wordt verteld. Ook de Hindoe Godin Kali en de Godin Durga worden met dit soort rituelen genoemd, en de Noord-Afrikaanse overlevering van de Amazonen Koningin Medusa noemt ook deze rituelen, daar haar blik dodelijk en levensgevaarlijk is. Het lukt de halfgod Theseus haar te onthoofden en het hoofd in een zak mee te nemen naar de Griekse Godin Athena die deze op haar schild bevestigt. Hiermee zou het tijdperk van de Amazonen ten einde zijn gekomen, met nog één hoofdrol in de Oorlog van Troje.

artratu86

De mystiek, magie en het mysterie rond Nyi Rårå Kidoel, de “Maagdelijke Jonkvrouwe van het Zuiden” is hiermee gezet, vergroot door Njai Lårå Kidul, de mysterieuze “bijslaap die ziekelijk en gegriefd naar het Zuiden reist“. De overleveringen doen vermoeden dat de hemelschone jonge prinses, getroffen door jaloezie, nijd en haat, haar verblijf in het koninklijk paleis en haar gemaal de Koning onder dwang verlaat. Overmand door verdriet, ook liefdesverdriet, is het hartzeer zó intens (de letterlijke vertaling van “lårå“), soms gepaard met de bewerking van zwarte magie of guna-guna op haar persoon, dat zij vertwijfeld zich zelf vertrouwt aan de griezelig woedende golvenmassa van de oceaan. In feite is er geheel niets te ontdekken in dit prinsessenkind  dat een kenmerk onthult van een kwaadaardig karakter. Elke studie, onderzoek of  een zoektocht naar diepgaand bewijs lijkt een tijdloos vacuüm, die gaandeweg verweven is geworden in overleveringen met bestaande namen van personen van koninklijke bloede, of mooie vrouwen die zich verbonden hebben met magische handelingen. Ook vandaag de dag wordt deze verdiept, verlevendigd en gemoderniseerd om nog steeds de aandacht te vestigen via symbolen, de oceaan en de natuur. Op Java wordt deze héél levendig gehouden, met een schitterende manifestatie.

De Indische Oceaan!!!

D A N K  U

(FOTO’S ZIJN DE COVERS VAN BESTAANDE KINDERBOEKEN, VERKRIJGBAAR IN DE WINKELS)

Geraadpleegde literatuur
KITLV – De Ratoe Galoeh, een Noord-Tjirebonsche Kroniek, fa. Kanoman
Els Bogaerts – Doctoraal-scriptie Van Sunans, Sultans en Sultanes, Leiden 1990
H.A.van Hien – De Javaansche Geestenwereld en Sagen Der Zeegeesten, Batavia` 1933
L.Th.Maijer – Javaansche Legenden en Sagen, Batavia-Solo 1894
P.Jansz – Practisch Javaansch-Nederlandsch Woordenboek, Margaredja 1906
Prof.Dr.Purbotjaroko – Njai Lara Kidul, Penelitan Sedjarah 1, Djakarta 1962
G.J.Resink – Kanjeng Ratu Kidul, Asian Folklore Studies LVI-2 1997
J.Schlehe – Die Meereskönigin Des Südens, Ratu Kidul, Berlin 1998
R.Wessing – Nyai Roro Kidul in Puger, Archipel 53 1997
A Princess from Sunda, Asian Folklore Studies LVI-2 1997
Ch.De Cock Wheatley – In the Realms of a Mystic Queen, Inter-Ocean 12-13 1931-’32
C.F.Winter – Javaansche Mythologie, Tijdschr.Ned.Indië 8-2 1946 Leiden KITLV

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s